|
Tarot in de Veertigdagentijd
Derde week
Zondag, derde
week: Het onbeheersbare
"Ze
kwamen aan de overkant van het meer, in het
gebied van de Gerasenen. Toen hij uit de
boot gestapt was, kwam
hem meteen vanuit de grafspelonken een man tegemoet die door een
onreine geest
bezeten was en in de spelonken woonde. Zelfs als hij
vastgebonden was
met een ketting kon niemand hem in bedwang houden. Hij was
al dikwijls
aan handen en voeten geketend geweest, maar dan trok hij de kettingen
los en
sloeg hij de boeien stuk, en niemand was sterk genoeg om hem te
bedwingen. En altijd, dag en nacht, liep hij schreeuwend
tussen de
rotsgraven en
door de bergen en sloeg hij zichzelf met stenen. Toen hij
Jezus in de
verte zag, rende hij op hem af en viel voor hem neer, en
luid
schreeuwend zei hij: ‘Wat heb ik met jou te maken, Jezus,
Zoon van de
allerhoogste God? Ik bezweer je bij God: doe me geen
pijn!’ Want hij had
tegen hem gezegd: ‘Onreine geest, ga weg uit die
man.’ Jezus vroeg hem:
‘Wat is je naam?’ En hij antwoordde:
‘Legioen is mijn naam, want we zijn met
velen.’ Hij smeekte hem dringend om hen niet uit
deze streek te
verjagen. Nu liep er op de berghelling een grote kudde
varkens te
grazen. De onreine geesten smeekten hem: ‘Stuur
ons naar die varkens,
dan kunnen we bij ze intrekken.’ Hij stond hun
dat toe. Toen de onreine
geesten de man verlaten hadden, trokken ze in de varkens, en de kudde
van wel
tweeduizend stuks stormde de steile helling af, het meer in, en
verdronk in het
water." (Marcus
5:1-13) Maandag, derde week: Zoeken en vinden
Jezus zegt tegen de dienaren die hem willen aresteren dat hij nog maar een korte tijd bij hen zal zijn. "Toen
de
farizeeën hoorden hoe er door de mensen over hem gesproken
werd, stuurden zij
en de hogepriesters dienaren om hem te arresteren. Jezus
zei: ‘Ik zal
nog een korte tijd bij u zijn, dan ga ik naar hem die mij gezonden
heeft. U zult me zoeken maar me niet vinden; u zult niet
kunnen
komen waar ik
ben.’" (Johannes
7:32-34) De mensen zullen Jezus zoeken , maar ze zullen niet kunnen komen waar hij is. Om een kaart bij te trekken: Waar kan ik Jezus vinden? Dinsdag, derde week: Rivieren van levend water
"Op de laatste dag, het hoogtepunt van het feest, stond Jezus in de tempel, en hij riep: ‘Laat wie dorst heeft bij mij komen en drinken! “Rivieren van levend water zullen stromen uit het hart van wie in mij gelooft,” zo zegt de Schrift.’" (Johannes 7:37-38) Jezus
zegt dat rivieren van levend water zullen stromen uit het hart van wie
in hem
gelooft. Om een kaart bij te trekken: Waar
stroomt de rivier van levend water uit mijn hart
naar
toe? Woensdag, derde week: De zonde
Jezus neemt het op voor een vrouw die betrapt is op overspel. "Jezus ging naar de Olijfberg, en vroeg in de morgen was hij weer in de tempel. Het hele volk kwam naar hem toe, hij ging zitten en gaf hun onderricht. Toen brachten de schriftgeleerden en de farizeeën een vrouw bij hem die op overspel betrapt was. Ze zetten haar in het midden en zeiden tegen Jezus: ‘Meester, deze vrouw is op heterdaad betrapt toen ze overspel pleegde. Mozes draagt ons in de wet op zulke vrouwen te stenigen. Wat vindt u daarvan?’ Dit zeiden ze om hem op de proef te stellen, om te zien of ze hem konden aanklagen. Jezus bukte zich en schreef met zijn vinger op de grond. Toen ze bleven aandringen, richtte hij zich op en zei: ‘Wie van jullie zonder zonde is, laat die als eerste een steen naar haar werpen.’" (Johannes 8:1-7) Om een kaart bij te trekken: Jezus zegt dat niemand zonder zonde is. Mijn zonde. Donderdag, derde week: De waarheid die bevrijdt
Jezus zegt werkelijk zijn leerlingen zijn en wat bevrijding biedt. "En tegen de Joden die in hem geloofden zei Jezus: ‘Wanneer u bij mijn woord blijft, bent u werkelijk mijn leerlingen. U zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u bevrijden.’" (Johannes 8:31-32) Jezus zegt dat wie bij zijn woord blijft, de waarheid zullen kennen die hen bevrijden zal. Om een kaart bij te trekken: Wat is de waarheid over mij die mij bevrijdt? Vrijdag, derde week: Werkelijke vrijheid
"Ze
zeiden: ‘Wij zijn nakomelingen van Abraham en we zijn nooit
iemands slaaf geweest
– hoe kunt u dan zeggen dat wij bevrijd zullen
worden?’ Jezus
antwoordde: ‘Waarachtig, ik verzeker u: iedereen die zondigt
is een slaaf van
de zonde. Nu blijft een slaaf niet voor eeuwig in huis,
maar de Zoon
blijft wel voor eeuwig. Dus wanneer de Zoon u vrij zal
maken, zult u
werkelijk vrij zijn." (Johannes
8:33-36) Jezus zegt dat hij werkelijke vrijheid kan geven. Om een kaart bij te trekken: Hoe kan ik werkelijk vrij worden? Zaterdag, derde week:
Een woord van God bewaren
![]() Jezus
gaat in discussie.
"Waarachtig,
ik verzeker u: als iemand mijn woord bewaart zal hij de dood nooit
zien.’ Toen zeiden de Joden: ‘Nu weten we
zeker dat u
bezeten bent! Abraham is
gestorven, en de profeten ook, en u zegt: “Wie mijn woord
bewaart zal de dood
nooit proeven”! Bent u soms meer dan onze vader
Abraham, die gestorven
is? Ook de profeten zijn gestorven. Wie denkt u wel dat u
bent?’ Jezus
antwoordde: ‘Wanneer ik mezelf zou eren, zou mijn eer niets
betekenen, maar het
is de Vader die mij eert, de Vader van wie u zegt dat hij onze God
is, hoewel u hem niet kent. Ik ken hem. Als ik zou zeggen dat
ik hem niet
ken, zou ik een leugenaar zijn, net als u. Maar ik ken hem wel, en ik
bewaar
zijn woord.
" (Johannes
8:51-55) Om een kaart bij te trekken: Jezus zegt dat hij God
kent en zijn woord bewaart. Welk woord van God bewaar ik? Leesrooster gebaseerd op:
Dienstboek, een proeve, deel I: Schrift - Maaltijd - Gebed. Naar tarot in de
Veertigdagentijd |