Tarot in de Veertigdagentijd
Tweede week


Eerste week Derde week

Je vindt hier tarotleggingen van één kaart voor de tweede week in de Veertigdagentijd. De veertig dagen voor Pasen zijn dagen van inkeer en bezinning. Het aantal dagen herinnert aan de veertig dagen waarin Jezus zich terugtrok in de woestijn om na te denken voordat zijn openbare optreden begon.

Voor iedere dag vind je een vraag bij een stukje uit de bijbel. Op de vraag geef je antwoord door het trekken van een tarotkaart. De tarotkaart zet je aan het denken over jezelf en je situatie, je verhouding tot je God, tot Christus en tot de weg die hij ging. De bezinning in deze dagen bereidt voor op het nieuwe leven dat Pasen en de lente ons schenken. 



Zondag, tweede week: De goede grond

Jezus vertelt een gelijkenis over het zaaien van zaad en de grond waarin de zaden vallen.

Hij (Jezus) zei: ‘Luister. Iemand ging eens naar zijn land om te zaaien. Tijdens het zaaien viel een deel van het zaad op de weg, en de vogels kwamen en aten het op. Een ander deel viel op rotsachtige grond, waar maar weinig aarde was, en het schoot meteen op omdat het niet diep in de grond kon doordringen; en toen de zon opkwam verschroeide het jonge groen, en omdat het geen wortel had droogde het uit. Weer ander zaad viel tussen de distels, en de distels schoten op en verstikten het en het bracht geen vrucht voort. Maar er waren ook zaadjes die in goede grond vielen en wel vrucht voortbrachten: ze schoten op en groeiden en droegen vrucht. Sommige leverden het dertigvoudige op, andere het zestigvoudige en weer andere het honderdvoudige.’ (Marcus 4:2-8)

Sommige zaadjes vallen in goede grond en dragen vrucht. Om een kaart bij te trekken: Wat is goede grond waar mijn zaad in gedijen kan?


Maandag, tweede week: Rijp voor de oogst
 

Jezus spreek over de oogst die op handen is.

Intussen zeiden de leerlingen tegen Jezus: ‘Rabbi, u moet iets eten.’ Maar hij zei: ‘Ik heb voedsel dat jullie niet kennen.’ ‘Zou iemand hem iets te eten gebracht hebben?’ zeiden ze tegen elkaar. Maar Jezus zei: ‘Mijn voedsel is: de wil doen van hem die mij gezonden heeft en zijn werk voltooien. Jullie zeggen toch: “Nog vier maanden en dan komt de oogst”? Ik zeg jullie: kijk om je heen, dan zie je dat de velden rijp zijn voor de oogst! (Johannes 4:31-35)   

Jezus zegt: “Kijk om je heen, dan zie je dat de velden rijp zijn voor de oogst”. Om een kaart bij te trekken: Wat is rijp om te oogsten in mij dat ik niet zie?

 

Dinsdag, tweede week: Een wonder
 

Jezus geneest de zoon van een centurion.

Hij ging in Galilea weer naar Kana, waar hij van water wijn had gemaakt. Er was daar een hoveling uit Kafarnaüm wiens zoon ziek was. Omdat hij gehoord had dat Jezus uit Judea naar Galilea was teruggekeerd, was hij naar hem toe gekomen, en nu vroeg hij of Jezus mee wilde gaan om zijn zoon, die op sterven lag, te genezen. Jezus zei tegen hem: ‘Als jullie geen tekenen en wonderen zien, geloven jullie niet!’ Maar de hoveling drong aan: ‘Heer, ga toch mee, voordat mijn kind sterft.’ ‘Ga maar naar huis,’ zei Jezus, ‘uw zoon leeft.’ De man geloofde wat Jezus tegen hem zei en ging weg. En terwijl hij nog onderweg was, kwamen zijn dienaren hem al tegemoet om te zeggen dat zijn kind in leven was. (Johannes 4:46-51)

Jezus doet een wonder. Om een kaart bij te trekken: Welk wonder heb ik nodig?

 

Woensdag, tweede week: Opstaan en gaan

Jezus laat een man die achterdertig jaar ziek is, opstaan en lopen

In Jeruzalem is bij de Schaapspoort een bad met vijf zuilengangen dat in het Hebreeuws Betzata heet. Daar lag een groot aantal zieken, blinden, kreupelen en misvormden. en verlamden, die het moment waarop het water in beweging kwam afwachtten. Want op een bepaald moment daalde een engel van de Heer neer in het bad en die bracht het water in beweging. En wie het eerst in het bad was zodra het water was gaan bewegen, werd gezond, wat voor ziekte hij ook had’. Er was ook iemand bij die al achtendertig jaar ziek was. Jezus zag hem liggen; hij wist hoe lang hij al ziek was en zei tegen hem: ‘Wilt u gezond worden?’ De zieke antwoordde: ‘Heer, als het water gaat bewegen is er niemand om mij erin te helpen; ik probeer het wel, maar altijd is een ander al vóór mij in het water.’ Jezus zei: ‘Sta op, pak uw mat op en loop.’ En meteen werd de man gezond: hij pakte zijn slaapmat op en liep.  (Johannes 5:2-9)

De zieke man staat op, pakt zijn mat op en loopt. Om een kaart bij te trekken: Hoe kan ik opstaan en lopen?



Donderdag, tweede week: De stem van God
 

Jezus zegt dat de doden zullen leven.

‘Waarachtig, ik verzeker u: wie luistert naar wat ik zeg en hem gelooft die mij gezonden heeft, heeft eeuwig leven; over hem wordt geen oordeel uitgesproken, hij is van de dood overgegaan naar het leven. Ik verzeker u: er komt een tijd, en het is nu al zover, dat de doden de stem van Gods Zoon zullen horen en dat wie hem horen, zullen leven.’ (Johannes 5:24-25)

De doden zullen Gods stem horen en wie hem horen zullen leven. Om een kaart bij te trekken: Wat roept mij ten leven?




Vrijdag, tweede week: Leven ontvangen 


De schriften getuigen over Jezus


‘U bestudeert de Schriften en u denkt daardoor eeuwig leven te hebben. Welnu, de Schriften getuigen over mij, maar bij mij wilt u niet komen om leven te ontvangen’. (Johannes 5:39-40)

Jezus spreekt over het leven dat hij kan geven. Om een kaart bij te trekken: Van wie ontvang ik leven?  



 
Zaterdag, tweede week: Durven 

durvenDe mensen praten over Jezus in het geheim.

Overal werd over hem (Jezus) gesproken: sommigen vonden dat hij een goed mens was, anderen meenden dat hij het volk misleidde. Maar niemand durfde openlijk over hem te spreken uit angst voor de Joden. (Johannes 7:12-13) 

De mensen durfden niet openlijk over Jezus te spreken. Om een kaart bij te trekken: Waar durf ik niet over te spreken?


Rooster gebaseerd op: Dienstboek, een proeve, deel I: Schrift - Maaltijd - Gebed. Boekencentrum, 1998.

© Berthe van Soest 2006, 2011

Naar tarot in de Veertigdagentijd
Naar lente tarotleggingen
Naar tarotleggingen bij de bijbel
Naar tarotleggingen
Naar homepage